De das

Vooral facebook staat bol van de leuke verhalen en foto's. Ik doe er zelf hard aan mee. Dat het echte leven niet altijd zo leuk is en we vele fouten maken in ons leven, dat hangt de gemiddelde mens vaak niet zo snel aan de grote klok. Gelukkig niet ook maar wil ik maar zeggen, de dagelijkse ellende die nu al via krant en TV over ons uit wordt gebraakt is nu niet bepaald iets om vrolijk van te worden.
Toch is mijn motto, dat ik vaak in trainingen aanhaal van 'fouten maken moet'. Met dien verstande, dat je er maar bewust van bent én je bereid bent om van je fouten te leren. Een andere riedel van mij, die ik vaak herhaal, is 'je bent pas echt weerbaar als je je ook kwetsbaar naar een ander durft op te stellen'. Daar heb ik geen problemen mee, dus hier een natuurbelevenisverhaaltje dat van fouten aan elkaar vast hangt.
Sinds een jaar of 8 ben ik in het voorjaar druk doende om dassenburchten te monitoren. Op die manier krijgen we wat meer inzicht in het aantal dassenjongen dat er jaarlijks wordt geboren. Een paar jaar geleden ging dat waarnemen als een trein; bijna iedere keer als ik op pad ging, zag ik wel dassenjongen. Zie onder andere dit filmpje uit 2010. 

Sinds vorig jaar gaat het minder. Ook vanavond heb ik weer urenlang gezeten, maar geen jong gezien. Zitten ze er dan niet meer kan je je afvragen? Zou kunnen, maar gezien de enorme hoeveelheid nestmateriaal die ik op verschillende wissels zag, geloof ik dat er misschien zelfs wel weer twee nestjes met jongen zitten.
Er ligt heel veel droog gras op de wissels. Dit gras wordt gebruikt om hun hol te stofferen en bijna iedere nacht verschoont. Vooral als de jongen in de maanden febr. tot mei nog niet buiten komen en hun behoefte binnen doen wordt er vaak ververst.
Er is dus wat anders aan de hand. 
Laten we het eens gaan analyseren. Ik ben immers een man en analyseren kunnen we goed. Toch? 
1) De voorbereiding en planning.
Tja, ik had het weer goed voorspeld. Het waaide redelijk hard dus geen last van muggen of dat de dassen mij zullen ruiken en het was mooi helder opgeklaard. Ik had voldoende warme kleding aan. Ik had drinken bij me, een rugtasstoeltje en ik had me vandaag niet gewassen of ingesmeerd met after shave of andere ruikrommel. Wat mis ging was dat ik er 5 minuten voor vertrek achterkwam dat ik mijn mobiel en tablet niet had opgeladen en ook een batterij van mijn fototoestel niet had opgeladen. Ook had ik het thuis niet goed afgestemd en ging vrouwlief er vanuit dat ik onze kleine aap nog wel even op bed zou brengen. Met voorleesverhaaltje en het bekende gedoe zal me dat al snel een half uur kosten dus dat moest ik ook op het laatste moment er nog even uit onderhandelen. En dan ga je al wat gehaast en nét wat te laat weg van huis he..
Zal het dan toch aan mijn uitdossing liggen?
2) Het aanlopen
De bomen op en rondom de burcht zitten inmiddels volop in het blad en moest, tegen de wind in op mijn buik, steeds verder tijgeren onder de boompjes door. Ik naderde ik tot op nog geen vier meter van de rand van de burcht alvorens ik iets zag. Te dichtbij dus en ik besloot impulsief om terug te gaan en tegen de wind in helemaal om de burcht heen te lopen en van de andere kant te benaderen. Door de vele dichte berkenboompjes was ik echter een beetje verkeerd gelopen, met als gevolg dat ik te dicht rondom de burcht liep. Mijn mensengeur ging, als een Tsjernobyl radioactieve wolk, over de burcht en de das zal me met zijn hypergevoelige neus, ongetwijfeld ruiken ging het door me heen.
3) Het lange wachten
Het observeren is eigenlijk één lange meditatie. Je zit al gauw 2 tot 3 uur bij een burcht alvorens het donker wordt. Mijn klapstoeltje voorzichtig uitgeklapt en daar ging ik. Languit op mijn rug achterover, plat op de grond en met mijn hoofd in een boom. Gelukkig kan ik goed binnensmonds op mezelf schelden en hebben ze dat niet gehoord. De trillingen zullen echter tot op een paar meter onder de grond voelbaar moeten zijn geweest. Even later het begint het volgende euvel. Een loopneus. Wat wil je als je allergisch bent voor berkenboomstuifmeel en je zit met neus er midden in. Ik hou het niet meer en moet soms even wat snuiten en vieze geluiden met mijn keel maken. Ik probeer er maar een beetje een onmenselijk geluid van te maken, in de hoop dat ze denken dat er een ree zijn neus staat te legen. 
Een das geniet nog even van de laatste zonnestralen en ik; ik geniet van de das. 
Na een twee uur wachten zie ik opeens, een meter of twintig verder, een volwassen das aan komen huppelen die snel een hol in verdwijnt. Nog geen 10 seconden later volgt een tweede. Aan hun gedrag zie ik direct dat gespannen zijn. Ze belemmeren vast de jongen om naar buiten te gaan. Ik wacht nog totdat de zon bijna ondergaat en ga er dan teleurgesteld vandoor.
Wat zijn de lessen die ik heb geleerd?
- In iedere verwachting zit een teleurstelling; ga er gewoon heen en verwacht niets.Twee volwassen dassen is 200% meer dan 90% van de Nederlander ooit zou zien.
- Laat die smartphone en fototoestel eens thuis. En waarom moet er Godsnaam een tablet mee? Om op afstand foto's te maken? Is dat nu zo slim? Dan moet je er immers twee keer heen?
- Ga nu toch eens naar de apotheek om die pillen te halen!
- Wacht tot het een oosten wind is. Dan heb je een supergoed zicht op de burcht.
- Wees eens wat minder impulsief. Beslissingen hoeven niet altijd in 1 seconde genomen te worden. Je mag er best wel even een paar minuten van te voren over nadenken. Nu zit je er nog urenlang nadien over na te denken.
Zo. Dat was het voor nu. Ik ga lekker slapen en reken er helemaal niet op dat ik over dassen ga dromen.


Een werkgroep lid vond eens een klein dasje die bijna dood en uitgedroogd langs de weg lag. Met wat wonderdrank kwam hij er weer helemaal weer bovenop en is tie dezelfde avond weer losgelaten bij de burcht.