De Gouden Driehoek is in het noorden van het land een bekende naam voor het gebied tussen Groningen, Drachten en Assen. Een streek waar het voor mens en onderneming goed vertoeven is, maar waar ook de natuur zich van haar mooiste kant laat zien.
In 2025 had ik het genoegen hier vele malen rond te mogen struinen. In de uiteenlopende natuurgebieden ontdekte ik bijzondere en soms zeldzame paddenstoelen en planten, elk met hun eigen verhaal. Maar ook mistige zonsopkomsten, bijzondere weersverschijnselen, oeroude bomen en bossen en uitgestrekte landschappen passeerden mijn pad.
In deze blog neem ik je mee langs die momenten: kleine ontdekkingen en grote indrukken, in een landschap dat telkens weer weet te verrassen.
 |
| In de bossen rondom Roden komt op een enkele plek het zeer zeldzaam voorkomende beekmijtertje voor. Dit kieskeurig zwammetje, van slechts enkele millimeters groot, komt alleen maar voor in het voorjaar in kwelgebieden waar voedselarm en zuurstofrijk water naar boven komt. |
 |
De stobbeneik van Alteveer staat precies aan de rand van het stroomdal van de Lieversche beek is vermoedelijk zo'n 200 jaar oud. Doordat hij ooit is gekapt, zijn er 6 grote stammen ontstaan met in het midden een holte.
|
 |
| De dikke eik van landgoed Mensinge is nog een honderd jaar ouder en staat een paar kilometer verder naar het noorden, ook aan de rand van het beekdal. Deze 'wodanseik' is niet gekapt en heeft daardoor een stamomtrek van meer dan vijf meter. |
 |
In deze streek zijn nog verschillende gave oude houtwallen te vinden. Van sommige rest echter soms nog maar een enkel oude karakteristieke stobbbe, zoals hier aan de Vossegatsweg nabij Altena.
|
 |
| De Zeijerstrubben is de enige plek in Nederland waar het Zweeds kornoelje nog groeit. Er moet jaarlijks worden gemaaid en soms worden geplagd om de soort, op de grens van bos en open heide/gras te laten groeien en niet te laten overwoekeren. |
 |
| In het bos ondekte ik ook nog enkele exemplaren van het zeldzaam voorkomende zevenster. Dit is typisch een plantje van het hoge noorden, die in Nederland aan zijn zuidelijkste verspreidingsgebied zit. Het snel opwarmend klimaat is hier wellicht de oorzaak van, maar ook droogte en verdringing door adelaarsvaren en braam spelen hierin een rol. |
 |
Het Noordsche veld is bekend om zijn archeologische waarde en ik was er 11 augustus al een half uur voor zonsopkomst. Opeens zag ik de zeer zeldzaam voorkomende schemeringstralen in de lucht verschijnen. Schemeringsstralen zijn zonne- en schaduwstralen van wolken of gebergten achter de horizon die geprojecteerd worden op het purperrood. Deze schemeringsstralen geven strepen op zeer grote hoogte, tot wel 16 kilometer hoog. Op de satelietbeelden ontdekte ik dat de toppen van de wolken die deze schaduwen veroorzaakten lagen helemaal op de Oostzee onder Zweden, op meer dan 500 km afstand! |
 |
De zon was een half uur op en door de opwarming werd de mist snel opgeruimd. Dit gaf prachtige bewegende en golvende mistflarden over de heide. Witte wieven!
|
 |
| Als je vroeg uit de veren bent, dan zie je eigenlijk in het hele gebied altijd nog wel ergens een ree lopen. |
 |
Het sterrebos van Mensinge is adembenemend mooi, vooral bij een mistige zonsopkomst. De natte weken van juli en begin augustus zorgden voor een zeer vroege eerste paddenstoelengolf. Hier een parelamaniet.
|
 |
Overdag is het Sterrebos zeer populair als wandelbos. Een oude beuk, vol met tonderzwammen, siert het pad. Deze jongeman wilde voor één keer ook wel eens poseren. ;-)
|
 |
| Buizerd op de uitkijk. Vanuit de auto had ik welgeteld net drie seconden om deze foto te maken. |
Reacties
Een reactie posten
Benieuwd naar je reactie.