Bijzondere zeldzaamheden en gewone voorkomheden bijzonder vastgelegd.

Zo'n 2000 jaar na de Romeinen waren in heel Drentia (zo heette Drenthe vroeger) alle veenvlinders uitgeroeid door boeren, burgers en hun machines.
Héél Drentia? Nee, in en rond een paar kleine vennen bleven tientallen veenbesblauwtjes moedig weerstand bieden aan vergif, ruilverkaveling, zure regen en verdroging.

Op het pad  aan de rand van het hoogven praat ik een poosje met een andere natuurliefhebber die al enkele uren de vlinders staat te observeren. Ik rond het gesprek af,  loop tien meter verder en zie opeens twee parende veenbesblauwtjes.  


Close up.

Een jaloers mannetje gaat in de aanval. 

Ik haal mijn adem in terwijl ik achter elkaar foto's blijf maken.

Hij gunt ze geen rust en ik besef dat ik een zeer bijzonder plaatje heb gemaakt.  Drie veenbesblauwtjes gevangen in één foto. Ik voel me heel raar; ik ben heel blij met deze foto en tegelijk diep bedroeft.
Deze drie vlinders zijn namelijk misschien wel bijna 10% van de hele populatie. De vergelijking met Astrix en Obelisc komt opeens in mijn hoofd omhoog borrelen. Hadden de veenbesblauwtjes ook maar de beschikking over het magisch toverdrankje, dan hadden ze wellicht nog een kans. Nu is het waarschijnlijk helaas een kwestie van tijd voordat er weer een vlindersoort is uitgestorven in Nederland. 


Na de daad moeten ze even bijkomen. Het vrouwtje zal nu aanstalten maken om haar eitjes te leggen op de stengel of het blad van de veenbes, een typische plantje van het levend hoogveen. Het is dan ook werkelijk onbegrijpelijk en ook nog eens helemaal niet nodig, dat er mensen zijn die dwars door dit ven lopen om een mooie foto te maken. Die enkele rupsen en eitjes die er nog zijn, zijn immers uiterst waardevol. 

Een half uur eerder beleefde ik nog een magisch natuurmoment toen dit ik reekalfje ontdekte tussen het struikgewas.  

Ik bukte en we keken elkaar minutenlang roerloos recht in de ogen aan. 

Het loont echt de moeite om eens te stil te staan bij het wilgenroosje. Op deze veel voorkomende plant komen veel insekten zoals dit bruine zandoogje af.

Twee zweefvliegen komen ook wat nectar verzamelen.

De metaalvlinder is een prachtige dagactieve nachtvlinder. 

De putter wordt ook wel distelvink genoemd. 

Hij is zeer kleurrijk en ik kan ze verrassend dicht benaderen.

 Ze zijn duidelijk te herkennen aan hun rode masker. Bij de jonge vogels zie je het rode nog niet.

De distel is ook voor vlinders een zeer gewilde plant. Hier een close up van een groot dikkopje met heel duidelijk zichtbaar zijn lange roltong die nectar uit de bloem omhoog zuigt.
Als je 's avonds, in de strukheide, er één vind dan is de kans groot dat er meer zitten. Heideblauwtjes hebben namelijk de drang om 's nachts allemaal bij elkaar in de buurt te gaan slapen.
Ik was zo geconcentrred bezig met foto's malen dat ik niet opmerkte dat vanuit mijn schoenen tientallen mieren omhoog begonnen te kruipen. Pas toen ze mijn blote armen bereikten voelde ik ze allemaal kriebelen en ging ik in een reflex wild op mezelf meppen.
Juist de mieren zijn belangrijk voor dit vlindertje. De rupsen en poppen scheiden een zoete stof af waar de mieren gek op zijn. Ze beschermen hun weldoener dan ook trouw. Dat ze dit ook bij de vlinders doen was mij onbekend maar dit kon wel eens de reden zijn waarom ze allemaal op deze plaats zitten drong het opeens tot me door. Wat zit de natuur toch geweldig in elkaar

De koeien komen nieuwgierig op me af.  Dankzij wat gekke geluiden heb ik volop hun aandacht. Cheese!! 

Natuurkunst

Een klein geaderd witje in tegenlicht blijft mooi. 

De grote vuurvlinder is uniek in zijn soort. In heel de wereld komt deze blikvanger alleen maar in het laagveen van de Weerribben, de Wieden en Lindevallei voor. Erg leuk dat we tijdens een excursie op twee verschillende plekken verse mannetje zagen zonnebaden. 

Van onderen. 

Jonge kokmeeuw te midden van 'veenmonsters'

De allerlaatste 4 uitgebloeide arnicabloemen van de Boerenveensche plassen. 

Mannetje weidebeekjuffer op de uitkijk.

Nog een juffer in tegenlicht.


Welriekende nachtorchis.

Detail van de welriekende nachtorchis.

Vrouwtje weidebeekjuffer maakt zich op voor de nacht.

Iedere dag gaat de zon onder en toch blijf ik ervan genieten. Het gewone blijft bijzonder. Als je het wilt kunt zien.

Je kunt niet de hele wereld op je schouders nemen maar deze juffer lijkt de hele zon op zijn rug te dragen..

'Mijn boom' in de Boerenveensche plassen heb ik al talloze keren vastgelegd maar hij blijft mijn aandacht trekken.  

Als rond de langste dag de zon onder is dan is ersoms nog van alles te zien in de lucht. Als de omstandigheden goed zijn dan kan je lichtende nachtwolken spotten in het noordwesten. Dit zijn wolken die ontzettend hoog in de dampkring zitten. De middelste laag van de dampkring noemt men de mesosfeer en in die laag, tussen de 50 en 80 km hoogte, is het ontzettend koud, tot wel - 80°C. Het hier aanwezige meteorietenstof en waterdeeltjes vormen wolken die ook 's nachts nog door de zon worden beschenen. Zie voor meerinformatie https://nl.wikipedia.org/wiki/Lichtende_nachtwolk.

De foto had ik al twee jaar in mijn hoofd en menig keer was ik hier 's nachts tevergeefs heen gereden. Ik ben er dan ook zeer content mee. 


.