Stadsnatuur in de Koelanden en in het Steenbergerpark


Op de eerste warme dag van het jaar struunde ik 10 april eens wat rond in de Koelanden. Een alleraardigst ruig gebied direct gelegen tegen 'de Weide' in Hoogeveen.
Hier kan je namelijk ringslangen treffen en die had ik dit jaar nog niet gespot.Daarna besloot ik ook nog een kijkje te nemen in het Steenbergerpark.

Er groeien hier hele velden vol met bramen. Bovenin zit o.a. een mannetje roodborsttapuit. 
Meer start dan mees. De staartmees vliegt in kleine groepjes door de bomen en laat zich van dichtbij benaderen. 
Geel is de kleur van de kleur van het voorjaar.  
In slootwallen en vochtige plaatsen groeien hier hele velden speenkruid..
Bij de bijenstal van 'de Heidebloem' is het een drukte van belang. Ik wilde dichterbij een nog scherpere foto maken, maar daar besloot ik na een felle steek in mijn onderkin maar van af te zien. 
Één van de mooiste vogels van Nederland vind ik toch wel de goudvink. Wat is het hier toch prachtig gevarieerd, met al die verschillende bomen, vennen, volkstuintjes en ruigte.  Vogels stellen zo'n afwisselend landschap zeer op prijs en omdat het zo dicht tegen de stad aan ligt zijn de vogels hier duidelijk minder schuw dan in de natuurgebieden. 
Deze merel liet zich  erg dicht benaderen. Stapje voor stapje kwam ik op twee meter afstand..  
Even later ging hij gewoon weer verder met zo'n prachtig mooie gezang. 
Twee schotse Hooglanders zorgen voor het grove onderhoud en schuilen tegen de zon in de bosjes. Misschien had ik dat ook wat meer moeten doen. 's Avonds had ik mijn eerste rode nek van het jaar opgelopen. Overigens een compliment voor de gemeente Hoogeveen dat ze hier zo'n leuk gebied hebben weten  te creëren.
In de vennen stikt het inmiddels van de groene kikkers. Ze springen direct weg als je naderbij komt maar soms heb je een heel mak exemplaar en dan kan je ze heel dicht benaderen. Deze tot op zo'n 30 centimeter! 
Ik eet een broodje bij het Struunhuus in het Steenbergerpark en maak nadien een rondje rond de vijvers. Een meerkoet komt dreigend op me af gezwommen en al snel wordt me duidelijk waarom. Moeder de vrouw zit heerlijk haar eitjes aan het uitbroeden. Ze wordt onrustig als ik blijf staan en ik loop snel verder.    
In het midden van de vijver zie ik en waar kunstwerkje in het water. Het lijkt me een bij die te water gestort is en met zijn vleugel ritmisch op het water slaat. .  
Ik heb maanden moeten wachten op de eerste libel en uitgerekend in de stad vind ik mijn eerste van het jaar. Een mannetje van de bruine winterjuffer. Even later zie ik zelfs een paringswiel. Helaas heb ik die niet vast kunnen leggen. 
Langs de waterkant zitten wel 20 padden. Zie ik  daar nu eisnoeren in het water?  
De dotterbloemen bloeien opeens uitbundig langs de waterkant.