Libellen en vlinders op een hemels mooie bevrijdingsdag in de Boerenveensche plassen.


Waar een week geleden nog hagelbuien en een koude noordenwind de boventoon voerden, wordt het nu per dag warmer. Op deze hemels mooie dag had ik eindelijk weer de tijd om er een paar uur op uit te trekken. Ik wordt op een paar kilometer afstand van huis door vrouwlief uit de auto gezet en ik mag lopend verder op huis aan.
De landschapsfoto's laten we vandaag voorlopig achter ons en ik krijg weer oog voor de eerste libellen en vlinders die opeens overal vliegen.

De meest voorkomende en de makkelijk te herkennen viervlek. De eerste die ik zie dit jaar en daarom mag tie ook dit jaar weer voor één keer op de blog.   
In de beschutting van een bosje vliegen meer grote libellen. Hoe ik ze zo mooi er op krijg vragen mensen vaak. Ik ren er naar toe als ik ze gaan zitten, als ik op een paar meter afstand ben ga ik steeds langzamer lopen en daarna ga ik zitten en in vertraging, centimeter voor centimeter dichterbij. Zelfs als het redelijk warm is kan je ze er dan nog mooi op krijgen. 
 Hier de smaragdlibel. Ook zo'n vroege soort die duidelijk te herkennen is aan zijn groen metalic kleur en het mannetje aan zijn knotsvormige achterlijf.   
De noordse witsnuitlibel is wat minder voorkomend en is vooral bij vennen te vinden
De naam witsnuit is zeer toepasselijk.
Het bont zandoogje vliegt nu massaal op de lichtere plekken in het bos. 
Wat snuffelt daar rond? 
Een vrouwtje watersnuffel leren de deskundigen mij. De juffers houden,in tegenstelling tot de echte libellen, hun vleugels in rust langs het lichaam.
De vuurjuffer met zijn rood achterlijf is wat makkelijker te herkennen. 
Langs het natuurgebied is grasland aangekocht om als bufferzone naar het landbouwgebied te fungeren. Ik kan het niet laten om het prachtige oranjetipje maar weer eens te fotograferen. Deze keer vliegend. Omdat de foto daardoor niet helemaal scherp was heb ik de kleuren een beetje aangepast om zo toch een aardige foto te krijgen. 
Geland op een pinksterbloem. 
Sinds deze week zit er ook frisgroene bladeren aan de eik. Wel eens opgemerkt dat ze ook mooi bloeit? 
Bij een dassenburcht ontdek ik iets wat minder leuk is. De das wordt schijnbaar door iemand op 5 mei geen vrijheid gegund. 
Een andere, belopen,hol is helemaal dichtgestopt met takken. Bijna woest gooi ik ze allemaal meters ver het bos in. Ik hoop nog altijd dat stropers en natuurhaters een uitstervend ras is maar schijnbaar lopen er nog steeds van deze intrieste mensen rond.